Recensie Ravian integraal 2 HC door Jean Claude Mezieres & Pierre Christin (Valerian)

 Recensie Ravian integraal 2 HC door Jean Claude Mezieres & Pierre Christin (Valerian)

 

Recensie Ravian integraal 2 HC
door Jean Claude Mezieres & Pierre Christin (Valerian)

 

De afgelopen weken hebben we weer eens gemerkt dat de strip het ondergeschoven kindje van de kunsten is. Met veel tamtam werd de film Valerian and the city of a thousand planets van de Franse filmmaker Luc Besson gelanceerd. Ook in Nederlandse kranten was er ruim aandacht voor, maar kwam er een journalist op het idee even te vermelden dat de avonturen van Valerian onder de naam Ravian te koop zijn in de Nederlandse stripwinkels?
Het is 't aloude liedje. Jammer.


De film van Besson is gebaseerd op De ambassadeur der schaduwen en niet 
– zoals de titel doet vermoeden – op Het keizerrijk van de duizend planeteneen verhaal dat inmiddels al bijna vijftig jaar oud is en hét album waarmee de serie Ravian volwassen werd. Zoals hier in onze recensie van de eerste twee Sherpa-heruitgaven te lezen valt moeten de auteurs nog een beetje de slag te pakken krijgen in de eerste avonturen van deze Franse science-fiction serie. Het medium was – moet u niet vergeten – in 1969 nog behoorlijk nieuw, de auteurs jong en onervaren.

Christin (aanvankelijk nog onder het pseudoniem Linus) ontwikkelt in gelijk tempo de karakters van zijn helden én zijn kundigheid als scenarist. Ook tekenaar Mézières krijgt de personages met dit deel in zijn vingers.
Christin is eigenlijk – zo blijkt uit de verhalen in de tweede integrale – een hippie.
Hij neemt het op voor de science-fiction equivalent van de Indianen in Welkom op Alflolol (oorspronkelijk Het verloren volk geheten) en in Land zonder sterren fulmineert hij als een ware protestzanger tegen de oorlog en predikt de liefde.
Storend? Nee, zijn moraal ligt er niet te dik bovenop en hij verliest niet uit het oog dat Ravian voornamelijk een avonturenstrip is.
Bij herlezen valt me ook op hoe compleet de strip visueel is. De tekenstijl van Mézières is niet realistisch, maar ook niet volledig karikaturaal, zoals bijvoorbeeld een Asterix of een Lucky Luke. Daardoor valt het aanvankelijk misschien niet zo op dat Mézières een erg goede tekenaar is. Zijn strip zit vol totaalbeelden en lastige perspectieven, en toch laat hij het er allemaal uitzien alsof hij het moeiteloos op papier gekwakt heeft. Ook de manier waarop hij slagschaduwen (met name in gezichten) gebruikt is bewonderenswaardig.
Wat Ravian helemaal de tand des tijds heeft doen doorstaan is de inventiviteit van zowel tekenaar als schrijver. Ze voeren de meest originele en vreemde vondsten op, die zo vanzelfsprekend in het verhaal passen dat het de lezer haast ontgaat hoe creatief de heren hier aan het werk zijn.
Of Besson er in geslaagd is dat allemaal in zijn film te proppen betwijfel ik, maar Ravian is deze heruitgave meer dan waard.
...Al zal de verkoop ervan in Nederland niet bevorderd worden door het afgeleide product omdat het journaille haar huiswerk niet doet en men het destijds nodig vond de naam van de held aan te passen.



(HH)

Interesse? Koop het album hier!